Een kort historisch overzicht

Italië 1946...

Na de Tweede Wereldoorlog stond Enrico Piaggio, die na de dood van z'n vader Rinaldo Piaggio de firma overnam, voor de zware taak om de verwoeste fabriek in Pontedera (Toscanië) weer op te bouwen. Tijdens de oorlog werden hier vliegtuigen en helikopters gebouwd. Omdat de fabriek als strategisch punt gold, gooiden Amerikaanse bommenwerpers de fabriek plat. Toen de soldaten terugkeerden van het front, van de gevangenschap en families herenigd werden, vroegen ze werk aan de fabrieken. Maar ze leefden in een land dat een schrijnend gebrek had aan wegen en daardoor ook aan communicatie. Er was een complete wanorde van de treinlijnen en een totaal gebrek aan transportmiddelen. De noodzaak om een herstel van de arbeid en de handel te bespoedigen, maakte dat heel wat mensen eigenlijk nood hadden aan een voertuig dat nuttig was, praktisch in gebruik, met een minimum aan gebruikskosten en een laag verbruik.

PaperinoPiaggio's eerste poging om een scooter te maken, was in 1945. Het was een prototype, Paparino (Donald Duck) genaamd en werd ontworpen en gemaakt door Vittorio Casini en Renzo Spolti. Omdat het prototype een eigenaardige verschijning was, werd er de spot mee gedreven : De pers en het publiek had er geen lucht naar. Enrico Piaggio noemde het zelf een 'verschrikkelijk ogend ding'. Van deze Paparino werden slechts 500 exemplaren verkocht.

Eén van de ingenieurs van de vennootschap "Piaggio" was Corradino D'Ascanio. Hij werd onmiddellijk onder de hoede genomen van Enrico Piaggio om een studie te starten naar een nieuw project : een voertuig met twee wielen, dat voldeed aan de noden van die tijd. D'Ascanio werd geboren in Abruzzo in 1891 en stierf in Pisa in 1981. Hij kwam bij Piaggio in 1934, nadat hij ervaring had opgedaan in Amerika en nadat hij een ingenieursdiploma had behaald in het polytechnische instituut in Turijn (1914). Tijdens de Eerste Wereldoorlog kon hij zich, als officier van de Divisie Luchtmacht in Turijn, bezighouden met het onderhoud en het bestuderen van het luchtmateriaal. In deze periode installeert hij de eerste radioverbinding in een Italiaans toestel. Daarna werd hij geïnviteerd door de Fransen om eender welk vliegtuig te reproduceren in Italië. Aangemoedigd door de Pomilio gebroeders emigreert hij naar de Verenigde Staten voor het ontwerpen en bouwen van militaire voertuigen.

De nieuwe Vespa S

De minimalistische stijl van de Vespa S vindt zijn oorsprong bij de legendarische modellen als de 50 Special en de Primavera.

Sportief, dynamisch en origineel zijn de kenmerken van de nieuwe Vespa S.

Het stuur omvat een nieuw rechthoekig licht net zoals de 50 Special destijds.

Het zadel is typisch jaren '70 in is verkrijgbaar in twee versies: Sport (50cc) en Touring (125cc). Beide zijn verkijgbaar als optie en kunnen dus geplaatst worden op beide modellen.

Vespa S

Profiel: Stijn De Vleeshouwer aka Stino

Ik ben in contact gekomen met Vespa 10 jaar geleden. Ik was toen op een buitenlandse stage in Genova... daar rijden ze met duizenden over straat en misschien ben ik wel verknocht geraakt aan de 'wespekes' uit nostalgie naar die periode toen. Feit is dat naast de enorme gevoelswaarde ook het praktische een rol speelt bij file-gevoelige verplaatsingen. Ook de ontspannende werking van een rit op een zomeravond, na een stressdag op het werk, kan met niets vergeleken worden... Vespa is een deel van mijn dagelijkse leven geworden.

Het feit dat men in belgië met een B-rijbewijs een 125cc mag besturen heeft dan ook tot de aankoop van mijn eerste vespa geleid: Vespa px125e uit 1982, een vroeg model, in origineel metalic blauw. Een vroege px, met nog alle kenmerken van de p-serie. Een dagelijkse rijder, zeker toen er een nieuwe 150cc motor is opgezet door jan van classicscooter. Het was mijn eerste vespa en ik kocht hem zo'n 9 jaar geleden van Maurizzio uit Genk.

PX125E Stijn
Vespa VN 125 uit 1956 was de 2de vespa die ik gekocht heb in 2001 bij Jef Van Hees. Zoals zo velen was de liefde voor de oude modellen ook zeer groot. Een tijd waarin individuele mobiliteit enorme stappen nam en de prioriteit van de vorm nog boven productiekosten kwam...
Het was een 125cc in originele staat, gebroken wit, met 2 zadeltjes, met roest op de vloerplaat - niet doorgeroest - en met origineel blokje.

VN2T - originele staat

In februari 2002 merkte ik in de koopjeskrant toevallig een advertentie op van een oude vespa. Het was een Vespa 150 VL uit 1956. Diksmuide was niet bij de deur, maar toeval wou dat ik destijds bezig was met het project "dorpskernvernieuwing Nieuwkapelle" en ik regelmatig naar de Westhoek moest. Ik was snel overtuigd en ik had nog een cosa uit 92 (die ik bijna (50E) gekregen had van een collega) die ik best wel wou verkopen voor de nodige centen. De verkoper was te oud geworden en wilde wat plaats hebben in de garage. Hij had zelf een poging ondernomen om hem te restaureren. De lak werd vernieuwd (vuilblauw), niet slecht gedaan maar toch enkele details waar ik niet tevreden mee was (groot detail was het lange zadel met tijgerprint...). Hij was technisch wel in orde maar de electriciteit moest worden vervangen. Daniel Walckiers had mij voorzien van het juiste zadel en bagagedrager, wat voor mij meer dan voldoende was om verder te kunnen.

125cc met autorijbewijs

Sinds 1 maart 2007 mag elke Belg die minstens twee jaar een B-rijbewijs (autorijbewijs) heeft de weg op met een motorfiets (of motorscooter in ons geval) van maximaal 125cc en 11kW (MOET aan beide voorwaarden voldoen). Deze mogelijkheid bestond eigenlijk al sedert maart 1998, maar werd in 2001 ongedaan gemaakt door toenmalige minister van mobiliteit Durant. Dit nieuwe KB biedt velen de mogelijkheid om hun eerste stappen te zetten in het berijden van een Vespa. De verkoopscijfers liegen er thans niet om.


Powered by Drupal | Drupal-WP Theme by N.Design Studio | Converted by Onisho
Syndicate content